Je vertelt aan elkaar wat je vandaag eet.
Ken je de woorden niet? Oefen dan de woorden op de afbeeldingen!
- Ga naar de keuken.
Open de keukenkastjes.
Wat staat er in de keukenkastjes?
Oefen de woorden. - Ga naar de koelkast.
Open de koelkast.
Wat staat er in de koelkast?
Oefen de woorden. - Wat eet je vanavond?
Vertel wat je vanavond gaat eten.
Bespreek welke ingrediënten je gebruikt.
Vertel hoe je het gerecht klaarmaakt. - Wat is je lievelingsgerecht?
Google een afbeelding. Deel de afbeelding met elkaar.
Wanneer eet je dit gerecht?
Welke ingrediënten heb je nodig?
Vertel hoe je het gerecht klaarmaakt.




