Taaloefening 13.1

Taaloefening 13 – Elkaar beter leren kennen   

Jullie kennen elkaar nu een aantal weken. Misschien al een aantal maanden. 

Vandaag beantwoorden jullie een aantal vragen. 

Zo leren jullie elkaar nog beter kennen. 

Hieronder staan vragen. Gewone vragen en keuzevragen. 

Lees alle vragen samen. 

Begrijp je de vragen?

Kies 10 vragen. (Meer vragen mag natuurlijk!)

Stel elkaar de vraag.

Geef antwoord. 

Let op: het is niet belangrijk om perfect Nederlands te spreken. 

Het gaat erom dat jullie met elkaar praten. 

Vragen

  1. Wat deed je als kind graag?
  2. Waar ben je trots op?
  3. Welk beroep wil je nooit doen?
  4. Wat is je favoriete muziek?
  5. Beschrijf het huis waar je woont.
  6. Als je een dier was, welk dier zou dat zijn?
  7. Met welk bekend persoon wil je een week op vakantie gaan? Waarom?
  8. Wat is de beste manier van wakker worden?
  9. Wat of wie wil je zijn, als alles mogelijk is?
  10. Wat vind je een mooie eigenschap?
  11. Wat vind je een slechte eigenschap?
  12. Wat is je favoriete drankje?
  13. Wat is je ideale vakantie?
  14. Wat is het beste gevoel van de wereld?

Keuzevragen. Wat kies je? Leg uit waarom je dit kiest.

  1. Lachen of dromen?
  2. Langzaam of snel?
  3. Serieus of grappig?
  4. Licht of donker?
  5. Spreken of zwijgen?
  6. Altijd op blote voeten lopen of nooit meer een jas aan?
  7. Nooit meer koffie of nooit meer thee?
  8. Nooit meer films en series of nooit meer muziek?
  9. Altijd warm weer of altijd koud weer?
  10. Laat opblijven of vroeg naar bed?